Wat is een hersentumor?

In de hersenen komen tumoren voor die ontstaan zijn uit het hersenweefsel en de hersenvliezen zelf: dit noemen we primaire hersentumoren. Vaak gaat het om een glioom of een meningeoom, maar het kan ook een andere soort hersentumor zijn. Daarnaast kunnen in de hersenen uitzaaiingen ontstaan van kanker op een andere plaats in het lichaam. Dat kan bijvoorbeeld bij longkanker, borstkanker of huidkanker. We spreken dan van hersenmetastasen of secundaire hersentumoren. Bij volwassenen zijn uitzaaiingen de meest voorkomende tumoren in de hersenen.

Samenwerking in de regio voor hoge kwaliteit van zorg

In de regio Noord-Brabant werkt ons ziekenhuis samen met het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis (ETZ) en Instituut Verbeeten als Hersentumorcentrum Brabant. We bundelen onze krachten om de best mogelijke behandeling, zorg en onderzoek voor patiënten met een hersentumor in onze regio. Zorgverleners van de afdelingen neurochirurgie, neurologie, radiotherapie, oncologie, radiologie, pathologie, Gamma-Knife, medische psychologie en revalidatie werken nauw samen. Zij zijn gespecialiseerd in het onderzoeken en behandelen van patiënten met een hersentumor.

Als u een hersentumor heeft en een operatie mogelijk is, gebeurt deze operatie in het ETZ. Bij behandelingen met bestraling of chemotherapie kijken we naar uw woonplaats. Bestraling vindt plaats in ons ziekenhuis of bij Instituut Verbeeten. Chemotherapie kan plaatsvinden in ons ziekenhuis of in het ETZ. Precisiebestraling bij uitzaaiingen in de hersenen vindt plaats in het Catharina ziekenhuis, Instituut Verbeeten of bij het Gamma Knife Centrum van het ETZ.

We nemen deel aan internationale en landelijke studies. Het doel daarvan is de zorg en behandeling voor patiënten met een hersentumor te verbeteren. Ook in de regio doen we veel wetenschappelijk onderzoek. Dit wordt gecoördineerd vanuit onze afdeling neurochirurgie, samen met TU/e en met afdeling neuropsychologie van Tilburg University.

Daarnaast werken we samen met andere neuro-oncologische centra in Nederland via Oncozon en de Landelijke Werkgroep Neuro-Oncologie (LWNO).

Zorgpad

De diagnose en behandeling van een hersentumor bestaan uit verschillende stappen. Dit behandeltraject noemen wij een zorgpad. U bezoekt tijdens uw behandeling verschillende specialisten en afdelingen. Ook kan het zijn dat u voor sommige behandelingen wordt doorverwezen naar een ander ziekenhuis. Op deze pagina vindt u de belangrijkste stappen die bij dit zorgpad horen.

  • De klachten die mensen met een hersentumor kunnen ervaren hangen erg af van de plaats binnen de hersenen waar de tumor zit, de grootte en de groeisnelheid van de tumor. Dezelfde klachten kunnen ook optreden bij andere hersenaandoeningen dan hersentumoren. Enkele van de meest voorkomende klachten zijn:

    • Hoofdpijn
      Als een tumor (en het vocht daaromheen, oftewel oedeem) extra ruimte inneemt, neemt ook de druk binnen de schedel toe. Bij druktoename binnen de schedel kunnen verschillende klachten optreden, zoals aanhoudende hoofdpijn, misselijkheid en braken. Als de druk erg hoog wordt, kan sufheid optreden. Lang niet alle hersentumoren veroorzaken hoofdpijn.
    • Uitvalsverschijnselen
      Als een tumor (of het vocht eromheen) het omringende hersenweefsel beschadigt of erop drukt, kan dit weefsel minder goed functioneren. Het gevolg daarvan is dat er uitvalsverschijnselen optreden, zoals verlammingsverschijnselen, moeilijker lopen, problemen met spreken of een deel van het gezichtsveld missen
    • Veranderingen in denken en karakter
      Als de tumor groeit in een neurologisch ‘stil’ gebied, dat wil zeggen een deel van de hersenen waar uitval van functie minder snel opvalt, kan deze enige tijd onopgemerkt groeien. Er kunnen dan geleidelijk klachten ontstaan van veranderingen in het denken. Het kan gaan om problemen met: aandacht, geheugen of concentratie. Soms ontstaan er karakterveranderingen zoals: drukker worden, ongeremd reageren en sneller geïrriteerd zijn. Andere veranderingen kunnen zijn: minder spontaan en vooral trager reageren, minder emoties tonen en steeds passiever worden.
    • Epileptische aanvallen
      Epileptische aanvallen komen in meerdere vormen voor. Bij een aanval kan iemand plotseling vallen en bewusteloos zijn met strekken en heftig schokken van armen en benen. Soms is een aanval echter beperkt tot kleine schokjes in bijvoorbeeld een hand of een kortdurende afwezigheid waarbij iemand bijvoorbeeld voor zich uit staart.

    De klachten als gevolg van een hersentumor ontstaan meestal geleidelijk. In een heel enkel geval kan een bloeding in een tumor optreden. Hierdoor ontstaan ineens klachten. Dit kan het moeilijker maken om de juiste diagnose te stellen, omdat bij het plotseling optreden van neurologische uitval snel aan een beroerte wordt gedacht.

  • Als de huisarts bij uw klachten aan een neurologische aandoening en/of een hersentumor denkt, wordt u doorgestuurd naar een neuroloog. Deze zal eerst een gesprek voeren over de symptomen en hoe de klachten zich ontwikkelen. Daarna volgt een lichamelijk onderzoek. Bij een verdenking op een hersentumor is het belangrijk om te achterhalen over welke soort hersentumor het gaat. Dit doen we op de volgende manier:

    • Scans maken van de hersenen. Bij een verdenking op een hersentumor of andere hersenziekte zal uw neuroloog een MRI-scan van de hersenen laten maken. Zo kan de neuroloog zien of er iets in de hersenen zit dat daar niet hoort.
    • Weefselonderzoek onder een microscoop
      Om de diagnose hersentumor met zekerheid te stellen, is er bijna altijd aanvullend onderzoek nodig. Het gaat meestal om een weefselonderzoek via een biopt of een operatie. Dit tumorweefsel wordt in het laboratorium onder de microscoop onderzocht door een patholoog. Soms nemen we een klein stukje weefsel uit het afwijkende gebied via een biopsie. In andere situaties halen we weefsel weg via een grotere operatie waarbij we zoveel mogelijk van de tumor verwijderen.  

    Vast aanspreekpunt tijdens uw traject

    Als u onder behandeling bent bij het Catharina ziekenhuis krijgt u een eigen casemanager. Dit is uw vaste contactpersoon tijdens de hele behandeling in ons ziekenhuis. Vaak is dit een verpleegkundig specialist of consulent. Deze persoon werkt nauw samen met de arts.  

    Persoonlijk behandelplan

    Op basis van de diagnose maken de specialisten een persoonlijk behandelplan voor u. Dit gebeurt tijdens een multidisciplinair overleg. Dat is een vergadering waarbij verschillende medische specialisten van meerdere ziekenhuizen samenkomen om uw persoonlijk behandelplan te bespreken. Samen kijken zij welke behandelingen het beste passen bij uw situatie. De kennis van elke elk specialisme wordt daarbij meegenomen.  We hebben een regionaal multidisciplinair overleg met specialisten van het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis en Instituut Verbeten.

    Onderdeel van het persoonlijk behandelplan is Samen Beslissen. Als u kanker heeft, neemt u in korte tijd moeilijke beslissingen die directe gevolgen hebben voor op uw leven op korte en/of lange termijn. U bespreekt uw situatie en voorkeuren samen met uw arts. Uiteindelijk beslist u samen met uw arts wat voor u de beste behandeling is.

  • Nadat de exacte diagnose gesteld is, kan de juiste behandeling worden bepaald. Vaak wordt gekozen voor (een combinatie van):

    • een operatie
    • bestraling (radiotherapie)
    • chemotherapie
    • wait and scan: bij wait and scan maken we regelmatig een MRI-scan om in de gaten te houden hoe de tumor zich gedraagt en of behandeling nodig is. 

    Operatie bij een hersentumor

    De behandeling van een hersentumor begint vaak met een operatie. De plaats van de tumor bepaalt voor een groot deel of de tumor veilig verwijderd kan worden. De chirurg kan makkelijk bij sommige tumoren, omdat er in de hersengebieden daaromheen weinig of geen belangrijke functies zitten. In andere gebieden is het risico op beschadiging te groot. Soms is de tumor verspreid over meerdere gebieden van de hersenen, waardoor een gehele verwijdering ook niet mogelijk is.

    Biopsie
    Bij een biopt verwijderen we een stukje weefsel via een gaatje in de schedel. Dit weefsel wordt door de patholoog onderzocht voor de juiste diagnose.  We kiezen hiervoor als het door de plaats van de tumor, de grootte, de verspreiding door de hersenen of de toestand van de patiënt niet mogelijk is om een grote operatie te verrichten.

    Operatie om de hersentumor weg te halen
    Als de tumor op een plaats in de hersenen zit waar deze weggehaald kan worden, krijgt u een operatie. Dit noemen we craniotomie. Een craniotomie is een operatie waarbij een stuk van de schedel tijdelijk wordt verwijderd om zo bij het brein te kunnen.

    Wakkere operatie (wakkere craniotomie)
    Dit is een operatie waarbij de patiënt wakker is. Dit gebeurt onder lokale verdoving. Als een tumor in de hersenen zich ter hoogte van belangrijke zones bevindt, zoals het motorisch centrum (die arm-, been- en aangezicht bewegingen uitvoeren) en het spraakcentrum (die begrip en taal uitvoeren) is het nodig de plaats van deze kritische zones precies te bepalen onder wakkere omstandigheden.

    Dit gebeurt door met een zwak elektrisch stroompje delen van de hersenen te stimuleren. Tijdens de wakkere operatie voert de patiënt opdrachten uit met het gezicht, armen, handen, vingers en benen om de neurochirurg van informatie te voorzien. Soms zijn er ook spraakoefeningen nodig. Op deze manier is de kans op neurologische schade zo klein mogelijk en verwijderen zoveel mogelijk van de hersentumor.

    Soorten bestraling bij een hersentumor

    Uitwendige bestraling is het plaatselijk behandelen van (meestal) kwaadaardige tumoren met straling. Dit noemen we ook wel radiotherapie.  Er zijn verschillende soorten bestraling bij een hersentumor:

    Chemotherapie bij een hersentumor

    Bij sommige soorten hersentumoren kan chemotherapie een behandeling zijn. Bijvoorbeeld bij verschillende vormen van glioom, bij kiemceltumoren en bij een lymfoom in de hersenen.

    Wait and scan bij een hersentumor

    Na een behandeling worden de omvang en andere eigenschappen van de tumor om de paar maanden via een MRI-scan in kaart gebracht. Afhankelijk van eventuele veranderingen op de MRI-scan kan op een bepaald moment een volgende behandeling nodig zijn. Bij uitzondering gebeurt dit ook voordat er een behandeling heeft plaatsgevonden. 

    Behandeling met medicijnen bij hersenoedeem

    Bij een hersentumor ontstaat er vaak vochtophoping in de hersenen (oedeem). Door dit hersenoedeem neemt de druk op het hersenweefsel toe en kunt u klachten krijgen. Mogelijke klachten zijn: uitval van gevoel of kracht in arm of been, problemen met spreken, wazig zien, hoofdpijn en misselijkheid. Dexamethason is een hormoon dat de vochtophoping afdrijft, waardoor de klachten verminderen.

  • Het hebben van een hersentumor heeft een grote invloed  op uw leven, op meerdere fronten. Bij het Catharina Ziekenhuis kunt u ondersteuning krijgen op verschillende gebieden, zoals psychische hulp, fysiotherapie of palliatieve zorg. Het gaat hierbij niet om behandelingen die de ziekte bestrijden, maar bijvoorbeeld om het verlichten van klachten of het verbeteren van de kwaliteit van leven. Dit kan zijn tijdens, maar ook na uw behandeling. Uw vaste aanspreekpunt kan u verder helpen als u vragen heeft over deze ondersteunende zorg.

    Ook op uw dagelijks leven kan een hersentumor veel invloed hebben, bijvoorbeeld bij het bewegen, denken, emoties en gedrag. Daarvoor kunt u extra ondersteuning krijgen. Bijvoorbeeld op gebied van revalidatie of neuropsychologie. Een neuropsycholoog is een psycholoog die is gespecialiseerd in de werking van de menselijke hersenen en het gedrag. 

    Gespreksagenda Hersentumoren

    Om uw behoeften aan ondersteunende zorg in kaart te brengen maken we gebruik van de Gespreksagenda Hersentumoren. Dit hulpmiddel gebruiken we om in gesprek te gaan met u en uw naasten. We kijken hierbij naar uw zorgen, klachten en eventuele beperkingen en zoeken naar oplossingen voor praktische problemen.

Wetenschappelijk onderzoek hersentumor

Onderzoekers binnen het Catharina Ziekenhuis voeren doorlopend onderzoek uit naar verschillende vormen van kanker. Dit geldt ook voor hersentumoren. We behandelen dan ook regelmatig patiënten in studieverband, of patiënten hebben de mogelijkheid om mee te doen aan trials (wetenschappelijke studies). Informeer hiernaar bij uw behandelend arts of uw casemanager.

Publicaties door onze artsen

Als topklinisch ziekenhuis is het Catharina Ziekenhuis vaak betrokken bij wetenschappelijke studies of onderzoeken. Onze artsen zijn hiervan initiatiefnemer of doen mee aan wetenschappelijke studies binnen hun vakgebied. Zo blijven we de zorg van onze patiënten steeds verbeteren. Kijk bij het profiel van uw arts voor zijn of haar publicaties:

Veelgestelde vragen

  • De klachten bij een hersentumor hangen erg af van de plaats binnen de hersenen waar de tumor zit, de grootte en de groeisnelheid van de tumor. Dezelfde klachten kunnen ook optreden bij andere hersenaandoeningen. 

    Enkele van de meest voorkomende klachten zijn: 

    Uitvalsverschijnselen 
    Als een tumor (of het vocht eromheen) het omringende hersenweefsel beschadigt of erop drukt, kan dit weefsel minder goed functioneren. Daardoor kunnen uitvalsverschijnselen ontstaan, zoals verlammingsverschijnselen, moeilijker lopen, problemen met spreken of een deel van het gezichtsveld missen.  

    Veranderingen in denken en karakter
    Soms groeit de tumor in een neurologisch ‘stil’ gebied, dat is een deel van de hersenen waar uitval van functie minder snel opvalt. Hierdoor kan de tumor enige tijd onopgemerkt blijven. Wat geleidelijk kan ontstaan zijn veranderingen in het denken, zoals problemen met aandacht, geheugen of concentratie. Soms verandert iemands karakter, zoals drukker worden, ongeremd reageren en sneller geïrriteerd zijn. Ook kan iemand juist minder spontaan en vooral trager gaan reageren, minder emoties tonen en steeds passiever worden. 

    Epileptische aanvallen 
    Epileptische aanvallen komen in meerdere vormen voor. Bij een aanval kan iemand plotseling vallen en bewusteloos zijn met strekken en heftig schokken van armen en benen. Soms is een aanval echter beperkt tot kleine schokjes in bijvoorbeeld een hand of een kortdurende “afwezigheid”. 

    Hoofdpijn
    Als een tumor (en het vocht daaromheen – oedeem) extra ruimte inneemt, neemt ook de druk binnen de schedel toe. Deze druktoename binnen de schedel kan diverse klachten geven, zoals aanhoudende hoofdpijn, misselijkheid en braken. Als de druk erg hoog wordt, kan sufheid optreden. Lang niet alle hersentumoren veroorzaken hoofdpijn. 

    Klachten door een hersentumor ontstaan meestal geleidelijk. Heel soms zorgt een bloeding in een tumor ervoor dat klachten ineens ontstaan. Dit kan het moeilijker maken om de juiste diagnose te stellen, omdat bij het plotseling optreden van neurologische uitval meteen aan een beroerte wordt gedacht. 

  • Gliomen

    Glia-cellen zijn steuncellen in de hersenen. Zij voeden, beschermen, isoleren en ondersteunen de zenuwcellen. Tumoren die uit deze cellen ontstaan, heten gliomen. De meeste gliomen ontstaan uit astrocyten. Dit zijn kleine, stervormige cellen (het Latijnse woord aster betekent ster). Deze tumoren heten astrocytomen. Een kleiner deel van de gliomen ontstaat uit oligodendrocyten. Deze cellen vormen de isolatielaag rond zenuwbanen. Deze tumoren heten oligodendrogliomen.

    Het glioblastoom is het meest voorkomende en ook meest agressieve glioom.

    Gliomen worden ingedeeld op:

    • graad van kwaadaardigheid (graad 2 tot en met 4)
    • moleculaire kenmerken van de tumor

    Meningeomen

    Een meningeoom is een tumor die ontstaat in de hersenvliezen. Deze vliezen zitten rond de hersenen en het ruggenmerg. De tumor zit dus niet in de hersenen zelf, maar kan wel tegen de hersenen aandrukken. In meer dan 90% van de gevallen is een meningeoom goedaardig. Dit betekent dat de tumor op één plek blijft en niet uitzaait.

    Bij 5 tot 7% van de patiënten is er sprake van een atypisch meningeoom. Deze tumor kan:

    • in het hersenweefsel groeien
    • op meerdere plekken in de hersenvliezen terugkomen

    In zeldzame gevallen (1 tot 2%) is een meningeoom kwaadaardig. Een meningeoom komt vaker voor bij vrouwen dan bij mannen en ontstaat meestal op middelbare leeftijd. De tumor groeit vaak langzaam, waardoor klachten geleidelijk ontstaan.

    Zeldzame hersentumoren

    Sommige hersentumoren komen weinig voor (ongeveer 1 tot 5%). Deze tumoren komen vaker voor bij kinderen dan bij volwassenen.

    Voorbeelden van zeldzame hersentumoren zijn:

    • ependymoom
    • medulloblastoom
    • kiemceltumoren (germinoom en non-germinoom)

    Een ependymoom ontstaat uit ependymcellen. Deze cellen bekleden de wand van de hersenkamers. De tumor komt daarom vooral voor in en bij de hersenkamers, maar kan ook ontstaan in het ruggenmerg of de onderste ruggenmergwortels.

    Een medulloblastoom ontstaat uit onrijpe zenuwcellen in de kleine hersenen. Deze cellen zijn vaak overgebleven uit een vroeg stadium van de ontwikkeling.

    Een kiemceltumor ontstaat uit kiemcellen. Dit zijn voorlopers van eicellen of zaadcellen. Deze tumoren ontstaan meestal in de teelballen of eierstokken, maar heel soms in de hersenen.

    Primair centraal zenuwstelsel lymfoom (PCNSL)

    Het primair centraal zenuwstelsel lymfoom (PCNSL) is een vorm van lymfeklierkanker. Deze tumor komt alleen voor in het centrale zenuwstelsel, zoals:

    • de hersenen
    • het hersenvocht
    • het ruggenmerg
    • het oog

    Meer informatie

    Voor meer informatie kunt u terecht op: https://hersentumor.nl

  • Radiotherapie (bestraling)

    Uitwendige bestraling (radiotherapie) is een behandeling waarbij een tumor plaatselijk wordt bestraald.

    De straling beschadigt kankercellen. Kankercellen delen zich sneller dan gezonde cellen en zijn daardoor gevoeliger voor straling. Hierdoor raakt het erfelijk materiaal (DNA) beschadigd. Bij voldoende schade kan de kankercel zich niet meer herstellen en sterft deze af.

    Door zo gericht mogelijk te bestralen, worden vooral kankercellen beschadigd en blijven gezonde cellen zoveel mogelijk gespaard.

    Soorten bestraling bij een hersentumor

    Er zijn verschillende vormen van bestraling:

    • conformele radiotherapie
    • intensiteit gemoduleerde radiotherapie (IMRT)
    • stereotactische bestraling (precisiebestraling)
    • protonentherapie

    Conformele radiotherapie en IMRT

    Deze behandeling bestaat meestal uit 2 tot 5 stralenbundels die vanuit verschillende richtingen op de tumor worden gericht. De bundels worden per patiënt aangepast aan de vorm van de tumor. Dit heet conformele radiotherapie.

    Bij intensiteit gemoduleerde radiotherapie (IMRT) wordt ook de sterkte van de stralenbundels per patiënt aangepast.

    Deze behandelingen vinden plaats in:

    • Instituut Verbeeten
    • Catharina Ziekenhuis

    Stereotactische bestraling (precisiebestraling)

    Bij stereotactische bestraling wordt de tumor zeer nauwkeurig bestraald met smalle stralenbundels uit verschillende richtingen.

    Hierdoor kan een hoge dosis straling worden gegeven in een klein aantal behandelingen.

    Deze behandeling wordt onder andere toegepast bij:

    • uitzaaiingen in de hersenen (hersenmetastasen)
    • tumoren van de hersenvliezen (meningeomen)
    • terugkerende hersentumoren (gliomen)
    • kleine, goedaardige tumoren van de gehoorzenuw

    Stereotactische bestraling kan worden uitgevoerd met:

    • een lineaire versneller
    • de Gamma Knife

    Binnen het Hersentumorcentrum Brabant:

    • vinden behandelingen met een lineaire versneller plaats in Instituut Verbeeten en het Catharina Ziekenhuis
    • vinden behandelingen met de Gamma Knife plaats in het ETZ

    Protonentherapie

    Protonentherapie is een vorm van bestraling waarbij protonen (geladen deeltjes) hun energie vooral in de tumor afgeven.

    Voor sommige patiënten met een langzaam groeiende hersentumor kan deze behandeling voordelen hebben. De radiotherapeut beoordeelt per patiënt of protonentherapie geschikt is.

    Voor deze behandeling werken wij samen met:

    • Maastro Clinic in Maastricht
    • Holland PTC in Delft
  • Chemotherapie is een behandeling van kanker met medicijnen (cytostatica). Deze medicijnen remmen de snelle deling van kankercellen. Hierdoor kunnen kankercellen zich minder goed vermenigvuldigen en gaan ze uiteindelijk dood. Het doel van chemotherapie is om zoveel mogelijk kankercellen te vernietigen, terwijl gezonde cellen zo min mogelijk worden beschadigd.

    Kankercellen reageren verschillend op medicijnen. Daarom wordt vaak een combinatie van verschillende middelen gebruikt.

    Chemotherapie bij hersentumoren

    Bij een glioblastoom bestaat de behandeling vaak uit een combinatie van bestraling en chemotherapie. De chemotherapie bestaat in de meeste gevallen uit temozolomide.
    Bij laaggradige gliomen worden vaak de volgende schema’s gebruikt:

    • PCV (procarbazine, CCNU [lomustine] en vincristine)
    • temozolomide

    Bijwerkingen

    Bijwerkingen van chemotherapie kunnen onder andere zijn:

    • vermoeidheid
    • een tekort aan bloedplaatjes
    • een tekort aan witte bloedcellen

    Meer informatie: Behandeling met medicatie: Chemotherapie (Video) 

  • Omdat een hersentumor een ernstige aandoening is, willen veel patiënten extra zekerheid over hun behandeling. U kunt daarom een tweede mening (second opinion) aanvragen. Dit betekent dat een andere arts uw situatie en behandeling beoordeelt.

    U heeft altijd recht op een second opinion. Als u dit wilt, kunt u dit bespreken met uw behandelend arts. Deze kan u helpen bij de aanvraag.

    Wilt u ons om een second opinion vragen? Lees dan: Second opinion aanvragen: zo werkt het

  • Er verandert veel in het leven van u en uw naasten. In de meeste gevallen krijgt u steun van familie, vrienden en kennissen. Ook uw huisarts en zorgverleners in het ziekenhuis kunnen u begeleiden bij het verwerken van wat er gebeurt. Het is heel normaal als u extra steun nodig heeft. U kunt hiervoor terecht bij uw huisarts of praktijkondersteuner.

    Binnen het Hersentumorcentrum Brabant kunt u begeleiding krijgen van:

    • een medisch maatschappelijk werker
    • een psycholoog

    Begeleiding buiten het ziekenhuis

    Ook buiten het ziekenhuis zijn er mogelijkheden voor ondersteuning.

    IPSO-centra

    Op meerdere plaatsen in Noord-Brabant zijn IPSO-centra (Centra voor leven met en na kanker).

    Hier kunt u terecht voor:

    • een luisterend oor
    • contact met lotgenoten
    • activiteiten gericht op ontspanning en verwerking
    • ondersteuning bij het (her)vinden van fysieke en mentale kracht

    Deze ondersteuning is er niet alleen voor mensen met kanker, maar ook voor mantelzorgers, familieleden en nabestaanden.

    Meer informatie: IPSO-centra

    Care for Cancer

    Care for Cancer biedt persoonlijke begeleiding aan mensen met kanker en hun naasten. De organisatie ondersteunt ook mantelzorgers en werkgevers.

    De consulenten zijn ervaren oncologieverpleegkundigen. Zij:

    • bezoeken u thuis
    • beantwoorden vragen over uw diagnose en behandeling
    • geven praktische tips voor uw situatie thuis en op het werk

    Meer informatie: Care for Cancer

    Jong en kanker (AYA)

    AYA staat voor Adolescents & Young Adults: jongvolwassenen met kanker.

    Revalidatie

    Een hersentumor heeft vaak veel invloed op uw dagelijks leven. Het kan invloed hebben op bewegen, conditie, denken, emoties en gedrag. Hierdoor kunnen beperkingen ontstaan in dagelijkse activiteiten, werk en relaties. Deze beperkingen noemen we Niet Aangeboren Hersenletsel (NAH). Het leren omgaan met deze veranderingen kan lastig zijn. Extra begeleiding kan u hierbij helpen. Welke vorm van begeleiding het meest geschikt is, bespreekt u met uw zorgverleners in het ziekenhuis of met uw huisarts.

    Fysiotherapie

    Een oncologiefysiotherapeut begeleidt mensen met kanker bij lichamelijke en psychische klachten.

    Voorbeelden van klachten zijn:

    • verminderde spierkracht
    • conditieverlies
    • vermoeidheid
    • verminderde beweeglijkheid
    • verstoorde lichaamsbeleving

    De fysiotherapeut geeft advies over het opbouwen van uw conditie en het bewaken van uw grenzen. Ook leert u hoe u zelf kunt omgaan met uw klachten.

    Meer informatie:

    Ergotherapie

    Een ergotherapeut helpt u bij dagelijkse activiteiten, zoals zelfzorg, huishouden, werk en ontspanning.

    U krijgt advies over:

    • hulpmiddelen en aanpassingen in huis
    • het verdelen van uw energie
    • omgaan met geheugen- of concentratieproblemen

    Meer informatie:

    Revalidatiearts

    Een revalidatiearts brengt uw beperkingen in kaart en adviseert over verdere behandeling en begeleiding.

    Binnen het Hersentumorcentrum Brabant werken wij samen met Libra Revalidatie.

    Meer informatie:

    (Neuro)psycholoog

    Een neuropsycholoog onderzoekt hoe het gaat met uw denken, emoties en gedrag.

    U kunt begeleiding krijgen bij:

    • geheugenproblemen
    • concentratieproblemen
    • somberheid
    • veranderingen in gedrag

    NAH-begeleiding

    Er zijn ook specialisten die zich richten op Niet Aangeboren Hersenletsel (NAH). Zij helpen u bij het omgaan met de gevolgen in het dagelijks leven.

    Meer informatie:

    Contact met lotgenoten

    U kunt ook in contact komen met mensen die hetzelfde meemaken. Dit kan helpen bij het delen van ervaringen.

    Meer informatie:
    De Hersentumor Vereniging

    Hoe spreek ik met kinderen over kanker?

    Laatste levensfase

    Als genezing niet meer mogelijk is, richt de behandeling zich op het verminderen van klachten en het verbeteren van de kwaliteit van leven.

    In deze fase is er aandacht voor:

    • lichamelijke klachten
    • psychische ondersteuning
    • sociale aspecten
    • zingeving

    Meer informatie over palliatieve zorg

    Samen beslissen

    Samen beslissen over uw behandeling

  • Een hersentumor en de behandeling daarvan kunnen veel gevolgen hebben. Deze kunnen uw dagelijks leven beïnvloeden.

    Uw zorgverleners gaan hier graag met u en uw naaste over in gesprek. Zij bespreken uw zorgen en bekijken samen met u de mogelijkheden om klachten of beperkingen te verminderen. Ook zoeken zij samen met u naar oplossingen voor praktische problemen.

    De gespreksagenda helpt u bij de voorbereiding op een afspraak met uw zorgverlener.

    Meer informatie

  • Bijwerkingen van radiotherapie (RT)

    Radiotherapie (bestraling) kan bijwerkingen geven. Niet iedereen krijgt hiermee te maken. Welke klachten u heeft, verschilt per persoon. Dit hangt onder andere af van de plaats van de bestraling, de dosis en uw persoonlijke situatie.

    Veel voorkomende klachten zijn:

    • vermoeidheid
    • haaruitval in het bestraalde gebied
    • huidreacties, zoals roodheid of gevoeligheid
    • hoofdpijn
    • problemen met concentratie of geheugen

    Deze klachten ontstaan meestal geleidelijk tijdens de behandeling of kort daarna.
    Sommige klachten kunnen langer aanhouden. Uw zorgverleners bespreken met u welke klachten u kunt verwachten en wat u kunt doen om deze te verminderen. In veel gevallen nemen de klachten na verloop van tijd weer af.


    Bijwerkingen van anti-epileptica

    Anti-epileptica zijn medicijnen die worden gebruikt om epileptische aanvallen te voorkómen. Deze medicijnen kunnen ook bijwerkingen geven. Niet iedereen krijgt hiermee te maken.

    De meest voorkomende klachten zijn:

    • slaperigheid of vermoeidheid
    • duizeligheid
    • problemen met concentratie
    • trager reageren
    • stemmingsveranderingen

    Soms kunnen er ook andere reacties optreden, zoals huidklachten of veranderingen in het gewicht. Vaak nemen deze klachten na verloop van tijd af, als uw lichaam gewend raakt aan het medicijn.
    Als u last heeft van bijwerkingen, is het belangrijk dit te bespreken met uw arts. Samen kunt u kijken of aanpassing van de dosering of het medicijn mogelijk is. Stop nooit zelf met uw medicatie zonder overleg met uw arts.


    Bijwerkingen van chemotherapie (temozolomide)

    Ook chemotherapie (temozolomide) kan bijwerkingen geven.

    Veel voorkomende klachten zijn:

    • verminderde werking van het beenmerg
      In uw beenmerg worden witte, rode bloedcellen en bloedplaatjes aangemaakt. Door de chemotherapie kan de aanmaak van deze drie types bloedcellen verminderen. Wordt het aantal witte bloedcellen te laag, dan bent u extra gevoelig voor infecties. In het beenmerg worden ook de bloedplaatjes gemaakt die zorgen voor de bloedstolling. Door een tekort aan bloedplaatjes bent u extra gevoelig voor bloedingen en het ontstaan van blauwe plekken.
    • misselijkheid en braken 
      U kunt door de chemotherapie misselijk worden en gaan braken. Om dit zoveel mogelijk te voorkomen krijgt u medicatie voorgeschreven.
    • obstipatie of diarree
    • vermoeidheid
  • Een hersentumor en de behandeling daarvan kunnen gevolgen hebben voor uw rijgeschiktheid. Dit heeft vooral te maken met:

    • veranderingen in het denken of reactievermogen
    • problemen met zien
    • het optreden van epileptische aanvallen
    • vermoeidheid of verminderde concentratie

    In Nederland gelden regels voor rijgeschiktheid bij aandoeningen van de hersenen. Soms mag u tijdelijk niet autorijden. In andere situaties is een medische beoordeling nodig.
     
    Het is belangrijk dat u dit bespreekt met uw arts. Samen kijkt u wat in uw situatie veilig en toegestaan is. Uw arts kan u zo nodig doorverwijzen voor een medische keuring. Rijden is alleen verantwoord als dit veilig is voor uzelf en voor anderen.
     
    Meer informatie: Wat zijn de regels voor rijden met een hersentumor? – CBR

  • Binnen Hersentumorcentrum Brabant vindt veel wetenschappelijk onderzoek plaats. Dit doen wij om de behandelingen van hersentumoren te kunnen verbeteren en om ook nieuwe behandelingen te onderzoeken. 

    Meer informatie:

     

Staat uw antwoord er niet bij, neem contact op.

Bel 040 - 239 66 22
Catharina Ziekenhuis Logo
Catharina Ziekenhuis

© 2026 Catharina Ziekenhuis
Alle rechten voorbehouden